Skip to content

De Colon Opleiding

Lesprogramma

AM: Historische aspecten en epidemiologie
Mw. dr. I  Leeuwenburgh, MDL-arts, Franciscus, Rotterdam

De eerste les gaat over het plaatsen van de behandeling van het colorectaal carcinoom in historisch perspectief. Al vanaf het begin van onze jaartelling zijn er theorieën bekend over het ontstaan en de behandeling van kanker, en hoewel de wetenschappers het niet altijd bij het rechte eind hadden, heeft het wel geleid tot de kennis die wij nu hebben. Over risicofactoren is meer bekend dan vroeger. Van welke risicofactoren is het effect op het ontstaan van coloncarcinoom wetenschappelijk bewezen? Ook zal er een overzicht gegeven worden van de epidemiologie: hoe vaak darmkanker voorkomt en op welke leeftijd en vragen beantwoord zoals: komt darmkanker vaker voor dan vroeger? De richtlijn coloncarcinoom en rectumcarcinoom wordt gedemonstreerd. Ten slotte wordt er ingegaan op de ontwikkeling van diagnostische en therapeutische mogelijkheden in de afgelopen eeuw.

PM: Chirurgische anatomie
Prof. dr. G.J. Kleinrensink, hoogleraar Anatomie, Erasmus Medisch Centrum, Rotterdam

In dit dagdeel wordt de buikanatomie besproken en in het bijzonder de anatomie van de dikke darm, het anorectale gebied en de bekkenbodem. De vorming vanaf de vroegste ontwikkeling, de opbouw en de functie worden besproken. Aan de hand van duidelijke afbeeldingen, modellen en preparaten wordt stap voor stap de stof doorgenomen. Het tweede deel van de les bestaat uit een bezoek aan de snijzaal van het Erasmus MC. 

AM: Pathologie van het colon en rectum / TNM / risicoprofilering
Mw. drs. S. ter Borg, patholoog, Pathan, Rotterdam

Pathologie speelt een belangrijke rol in het vaststellen van dikke darmafwijkingen, het vaststellen of uitsluiten van kanker en voorstadia daarvan en het detecteren van metastasen. Besproken wordt hoe het verwerken van een biopsiemateriaal gaat en hoe het uiteindelijke preparaat beoordeeld wordt. Tevens wordt met beeldmateriaal duidelijk gemaakt dat de grens tussen goedaardig en kwaadaardig niet altijd even scherp is. Verder wordt het pathologieverslag doorgenomen en wordt ingegaan op alle gebruikte terminologie en de betekenis ervan voor de dagelijkse praktijk. In dit verslag wordt altijd de TNM classificatie genoemd, de betekenis daarvan wordt doorgenomen. Ook technieken, zoals het vaststellen van microsatellietinstabiliteit (MSI), worden besproken. Een rondleiding in het pathologisch laboratorium zal de stof verlevendigen.

PM: Radiologische diagnostiek
Mw. drs. I. van ‘t Sant, radioloog, Franciscus, Rotterdam

Naast de colonoscopie worden meerdere technieken ingezet als diagnostisch middel bij het coloncarcinoom. De CT colografie kan voor sommige indicaties een vervanger zijn voor een colonoscopie. Een echo kan dienen om levermetastasen uit te sluiten en ook om een histologisch biopt te nemen. Een CT kan ook dienen om pulmonale of levermetastasen uit te sluiten, maar ook om de grootte en ligging van een tumor te beoordelen en eventuele doorgroei in de omgeving. De MRI wordt ingezet om een preoperatieve inschatting te maken van een rectumcarcinoom zodat de voorbehandeling goed gekozen kan worden. Andere modaliteiten die minder frequent ingezet worden, zoals de PET-scan, worden ook behandeld. Wat de indicatie is voor het gebruik van deze onderzoekstechnieken en wat de kracht en de beperkingen van deze technieken zijn, wordt in dit dagdeel behandeld.

AM: Erfelijkheid en klinische genetica / polikliniek erfelijke tumoren
Mw. J.E. Prins MA, verpleegkundig specialist genetica, Erasmus Medisch Centrum, Rotterdam

In dit dagdeel wordt ingegaan op de verschillende aspecten van erfelijkheid. Hoe bepaal je of iemand een verhoogd risico op darmkanker heeft? Welke mensen komen in aanmerking voor erfelijkheidsonderzoek? Wat gebeurt er als microsatellietinstabiliteit bewezen is? Wat is het beleid bij iemand met een bekende genetische afwijking? Hoe begeleid je iemand die een verhoogde kans heeft op het ontwikkelen van darmkanker? Wat zijn de financiële en sociale gevolgen van een dergelijke wetenschap?

PM: Proctologie
Mw. drs. T.M. Cijs, chirurg, Polikliniek De Blaak, Rotterdam

In dit dagdeel worden anatomie, veranderde anatomie, normale functie en dysfunctie van het anorectum besproken. Anamnese, lichamelijk onderzoek en proctoscopie komen aan de orde. Daarnaast worden diverse proctologische afwijkingen besproken, variërend van hemorroïden, condyloma acuminata tot perianale fistels en fissuren. Er wordt een overzicht gegeven van de behandelingsmogelijkheden en het wetenschappelijk bewijs voor conservatieve dan wel operatieve behandeling.

AM: Colonoscopie en het screeningsprogramma
Dr. R. Roomer, MDL-arts, Franciscus, Rotterdam

De colonoscopie is de hoeksteen van de diagnostiek van het colorectaal carcinoom. Er wordt ingegaan op de indicaties voor een colonoscopie en de technische aspecten. Ook wordt beeldmateriaal getoond om het verschil tussen gezonde dikke darm en een dikke darm met afwijkingen te illustreren. Verder wordt het endoscopisch behandelen van poliepen en adenomen behandeld. De complicaties van een colonoscopie en de behandeling daarvan komen ook aan bod. Het landelijk screeningsprogramma voor het coloncarcinoom wordt toegelicht en de te verwachten winst van dit programma wordt besproken.

PM: Radiotherapie bij het colorectaal carcinoom en verpleegkundige aspecten van radiotherapie
Dr. J.J.M.E. Nuyttens, radiotherapeut-oncoloog, Erasmus Medisch Centrum en Franciscus, Rotterdam

Radiotherapie is een belangrijk onderdeel in de behandeling van rectumcarcinoom. In dit cursusonderdeel krijgt u meer inzicht over het soort straling dat gebruikt wordt en wat de straling doet met de weefsels. Verder worden de ontwikkelingen in de radiotherapie besproken en wordt de vraag beantwoord of op termijn radiotherapie, eventueel in combinatie met chemotherapie, in de plaats van een operatie kan komen voor bepaalde problemen. De redenen om te bestralen, de richtlijn op dit gebied en de verschillende schema’s worden per indicatie besproken. Verder komen de contra-indicaties aan bod en het voorkomen en behandelen van complicaties van de radiotherapie. Intra-operatieve radiotherapie bij grote rectumcarcinomen en lokale recidieven wordt behandeld. Ook informatievoorziening rondom de radiotherapie wordt besproken. Kort wordt ingegaan op de indicatie voor hyperbare zuurstoftherapie bij radiatieschade van het kleine bekken.

AM: Lokale excisie van rectumtumoren
Dr. P.G. Doornebosch, chirurg, IJsselland Ziekenhuis, Capelle a/d IJssel

Transanale microchirurgie wordt momenteel gebruikt voor goedaardige of hooguit premaligne afwijkingen maar dit gaat misschien veranderen. Momenteel wordt onderzocht of ook rectumcarcinomen kunnen worden behandeld met deze methode na voorbehandeling met chemoradiatie. Er wordt getoond hoe de techniek werkt en wat de indicaties zijn. Ook postoperatieve klachten en complicaties komen aan de orde. De meest recente ontwikkelingen op dit terrein worden besproken. Is de low anterior resectie straks overbodig?

PM: Defaecatiestoornissen in het algemeen en na rectumchirurgie
Mw. drs. V. Rempe-Sorm, chirurg-proctoloog, Huisartsenpraktijk Aletta, Den Haag

Defaecatiestoornissen komen veel voor, maar worden weinig besproken aan de borreltafel. Patiënten komen vaak met enige schroom naar het spreekuur. De docent geeft tijdens de les aandacht aan de normale functie en dysfunctie van de bekkenspier, om zo functionele stoornissen zoals frequente of loze aandrang en anale pijn zonder inflammatie uit te leggen. De systematische aanpak van defecatieklachten wordt besproken, waarbij begeleiding en voorlichting een belangrijke rol spelen. Welke analyse dient plaats te vinden? Welke medicatie kan gebruikt worden? Wanneer is bekkenbodemfysiotherapie zinvol? En welke patiënten komen in aanmerking voor een operatie?

AM: Chirurgie bij colorectale pathologie en follow up.
Dr. A.G. Menon, GE chirurg, IJsselland Ziekenhuis, Capelle a/d IJssel

In dit dagdeel worden alle chirurgische technieken voor de behandeling van colon- en rectumcarcinoom gepresenteerd in woord en beeld. Het ERAS protocol wordt toegelicht. Ook wordt ingegaan op de indicaties voor bepaalde operaties en de  complicaties die kunnen ontstaan. Veiligheidsaspecten rondom een operatie worden besproken. Uiteraard komen laparoscopische operaties aan bod en nieuwe ontwikkelingen, zoals NOTES en opereren met de robot. De zin en onzin van follow-up wordt besproken en de taak van chirurg en verpleegkundige daarin.

PM: Chirurgie bij uitgebreide of recidief rectumcarcinomen en leverchirurgie bij colorectale levermetastasen
Dr. J. Rothbarth, chirurg, Erasmus Medisch Centrum, Rotterdam

De behandeling van lokaal zeer uitgebreide rectumcarcinomen en recidief rectumcarcinomen vergt de inzet van een gespecialiseerd multidisciplinair team. De handelwijze van dit team wordt uitgelegd en de behandelmogelijkheden worden besproken. Ook de toepassingen voor intraoperatieve radiotherapie komen aan bod. Tevens worden de mogelijkheden en onmogelijkheden van de chirurgische behandeling van colorectale levermetastasen besproken en de behandeling van deze metastasen met radiofrequente ablatie (RFA). Nieuwe ontwikkelingen op deze terreinen krijgen ook aandacht.

AM: Verpleegkundige aspecten in de colonzorg bij chirurgische operaties
Mw. C. van Tienderen, gespecialiseerd verpleegkundige stomazorg en colonzorg, Spaarne Gasthuis, Hoofddorp

Wanneer na een diagnose een operatie volgt dan komt de patiënt in een chirurgisch behandeltraject. De zorg vóór, tijdens en na een ingreep wordt georganiseerd volgens de nieuwste wetenschappelijke inzichten zodat patiënten beter en daardoor ook sneller herstellen. In de meeste ziekenhuizen wordt gewerkt met Enchanced Recovery After Surgery (ERAS). ERAS beoogt een beter en sneller herstel na een chirurgische ingreep. Grotendeels volgen de ziekenhuizen hetzelfde protocol. Alleen de indeling van taken rondom de colonzorg zijn verschillend ingedeeld. De zorg wordt gegeven door een coloncare verpleegkundige. Dit kan een verpleegkundige, gespecialiseerd verpleegkundige of verpleegkundig specialist zijn.

PM: Systemische therapie bij colorectaal carcinoom
Mw. dr. M. Mathijssen, internist-oncoloog, Franciscus, Rotterdam

De basis van de behandeling van darmkanker is voor de meeste patiënten chirurgie. Door het geven van adjuvante chemotherapie naast de chirurgische behandeling is de overleving van bepaalde patiënten met darmkanker de afgelopen decennia verbeterd. Maar wie heeft baat van aanvullende chemotherapie en hoe wordt dat bepaald? Welke medicijnen worden gebruikt en volgens welk schema? Wat zijn de bijwerkingen, hoe voorkom je ze en hoe worden ze behandeld?
Als er een verdenking op metastasen is wordt er eerst onderzoek gedaan. Als er metastasen vastgesteld zijn, zijn er verschillende behandelingen mogelijk. Deels is de richtlijn dan weer van dienst, maar altijd is er een multidisciplinaire benadering nodig om een goed plan te maken. Palliatieve chemotherapie bij het colorectale carcinoom wordt behandeld waarbij ook chemotherapie rondom eventuele metastasenchirurgie besproken wordt.

AM: Seksualiteit en coloncarcinoom
Drs. W.L. Gianotten, medisch seksuoloog, Universitair Medisch Centrum Utrecht

Het hebben van kanker beïnvloedt het gehele leven en daarmee ook de seksualiteit. Bij darm- of endeldarmkanker komen daar soms specifieke problemen bij zoals het hebben van een stoma of stoornissen gerelateerd aan de zenuwschade in het kleine bekken door de operatie. Vanzelfsprekend heeft dit grote invloed op het seksueel functioneren en is het nodig dit te bespreken en eventueel hulp aan te bieden. Vaak wordt bij het aankaarten van seksualiteit gekeken vanuit de beleving van de patiënt maar het is minstens zo belangrijk om ook de beleving van de partner hierbij te betrekken. In dit cursusgedeelte worden alle facetten van seksualiteit en darmkanker besproken inclusief casuïstiek.

PM: Psychosociale begeleiding, revalidatie en werkhervatting
Mw. drs. M.E. Remie, GZ psycholoog en medisch psycholoog, SanaVera, Rotterdam, Ingeborg Douwes Centrum – Centra voor Oncologische psychologie, Amsterdam

Na of tijdens een zeer hectische periode van operaties, chemotherapie en/of radiotherapie moet er ook aandacht zijn voor de psychische en emotionele gezondheid van de patiënt. Soms is de draagkracht sterk verminderd na een intensieve behandelingsperiode en is er professionele begeleiding nodig. Gedurende dit cursusdeel wordt meer inzicht gegeven in de hulpprogramma’s die aanwezig zijn om patiënten hierin te ondersteunen. Tevens wordt gesproken over vergoedingen en indicaties voor de diverse programma’s. Ook komt werkhervatting bij de oncologische patiënt ter sprake. Aan de hand van casuïstiek wordt de stof duidelijk gemaakt. 

AM: Integrative Gastroenterology: een brede kijk op ziekte en gezondheid in dit gebied, wat kun je ermee?
Mw. dr. E.M. Noorda, oncologisch chirurg en arts integrative medicine, Isala, Zwolle

Eva bespreekt welke mogelijkheden integrative medicine biedt voor de dagelijkse medische praktijk, waar past het in de huidige zorg en beantwoord het de vraag van onze patiënten.
Ze gaat hiernaast dieper in op IM en specifieke kennis en ervaring binnen de gastro-enterologie aan de hand van veelvoorkomende klachten en diagnoses. Het is mogelijk casuïstiek in te brengen of vooraf vragen uit de praktijk. Ook besteed ze aandacht aan hoe het leefstijl- of brede gesprek effectief te voeren.

PM: Benigne aandoeningen van het colon en rectum 
Mw. dr. R.L. West, MDL-arts, Franciscus, Rotterdam

Aandoeningen zoals colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn worden veelal door de MDL-arts behandeld. Wat is de relatie van deze aandoeningen met het colorectaal carcinoom? Welke klachten zijn specifiek voor deze ziektebeelden? Wanneer is er aanleiding tot een colonoscopie, medicamenteuze behandeling en als laatste redmiddel een operatie? Welke medicijnen zijn er en wat zijn de bijwerkingen? Tevens wordt ingegaan op de waarde van de endo-anale echo voor anorectale afwijkingen. Ook is er aandacht voor diverticulose en diverticulitis. “IBS is een aandoening waarvan behandeling lastig is, maar voorlichting en begeleiding wel een belangrijke rol kunnen spelen. Hierop wordt kort ingegaan.

AM: Bekkenfysiotherapie
Mw. M. Veltman, bekkenfysiotherapeut, Paramedisch Centrum Hoogvliet

In dit dagdeel zal de aandacht uitgaan naar bekkenfysiotherapie bij klachten in het colorectale gebied. Bekkenfysiotherapie richt zich op het gehele buik-, bekken- en lage rug gebied bij vrouwen, mannen, kinderen en ouderen. Het bekken, de
gewrichtsbanden, de bekkenbodemspieren en de bekkenorganen beïnvloeden elkaar
wederzijds.

PM: Klinisch redeneren 
Mw. Y.D. Jüngen opleidingsarts, AMC, Amsterdam

In dit dagdeel is er aandacht voor klinisch redeneren. Op basis van een goede anamnese, heteroanamnese en lichamelijk onderzoek moet men tot een differentiaal diagnose komen. Vervolgens wordt er een onderbouwd zinnig aanvullend onderzoek aangevraagd. Het doel is om tot de juiste diagnose te komen. Het doel is dat te oefenen in dit dagdeel met veel casuïstiek.

AM: Kanker en werk
Dr. M. Greidanus, onderzoeker, Amsterdam UMC

Na een operatie, chemotherapie en /of radiotherapie is er na de hersteltijd aan iets rustiger vaarwater voor de patiënt. Mag er gewerkt worden, moet gewerkt worden? Vaak worden er niet goed onderbouwde adviezen gegeven door welwillende artsen, vrienden en familieleden. In dit cursusonderdeel zal een bedrijsarts met speciale interesse in werk en kanker alle facetten behandelen van ziektewet, werkhervatting, aangepast werk, therapeutische arbeid en de eventuele onmogelijkheden van werkhervatting. Ook zullen de gevolgen voor het inkomen belicht worden en de wetgeving over dit onderwerp verduidelijkt worden.

PM: Gesprekstechnieken en communicatieve vaardigheden: praktijk
Mw. I. van de Lagemaat, trainingsacteur in o.a. communicatietrainingen, Improduct, Haarlem

In deze praktijkmiddag worden gesprekstechnieken en communicatieve vaardigheden behandeld in potentieel emotionele situaties. Het uitproberen en ontdekken van omgaan met de emotie en toch effectief een gesprek kunnen voeren staat centraal. Na een korte theoretische introductie wordt geoefend met eigen casuïstiek. 

Gehele dag: Presentatie opdrachten cursisten
Mw. dr. I. van Leeuwenburgh, MDL-arts, Franciscus, Rotterdam
Mw. dr. E.B. Deerenberg, GE- en oncologisch chirurg, Franciscus, Rotterdam

In zowel ochtend als middag worden de presentaties van de cursisten gepresenteerd aan de andere deelnemers. Er wordt bij iedere presentatie gekeken naar de kwaliteit van de opdracht en de wijze waarop deze uitgevoerd is en gepresenteerd wordt. Alle presentaties bevatten onderwerpen op het gebied van darmkanker en/of proctologie waarbij meerdere facetten van de zorg aan de orde dienen te komen.

AM: Eindtoets

De eindtoets is in de ochtend en wordt direct nagekeken zodat je diezelfde middag weet of je geslaagd bent voor de Colon Opleiding. Indien je de toets niet gehaald hebt, kun je deze herkansen op dinsdag 13 april 2027.

AM: Herkansing schriftelijke eindtoets

De herkansingstoets vindt plaats in de ochtend en wordt direct nagekeken zodat de uitslag diezelfde dag nog bekend is. Indien de schriftelijke toetsen niet behaald zijn, is er een mondelinge herkansing mogelijk. In overleg wordt dan een datum bepaald.